Op school krijgen wij allemaal het vak geschiedenis. Een doel van het vak is om van het verleden te leren en niet te vervallen in dezelfde fouten. De inleiding van dit voetbalverhaal is misschien wat uit de context, maar de parallel wordt snel duidelijk. Legendarisch voetbaltrainer Co Adriaanse sprak in 2004 de volgende woorden over de aanstelling van Marco van Basten als bondscoach van Nederland: "Een goed paard is nog geen goede ruiter". De uitspraak zorgde destijds voor menig glimlach, maar de woorden van Co blijken steeds meer profetisch en zelfs, ja, Cruijffiaans.
Na Van Basten zijn er nog meer voorbeelden geweest van goede voetballers die geen goede trainers bleken te zijn. Namen die opkomen zijn bijvoorbeeld Jaap Stam, Mark van Bommel en Frank de Boer. Er kan altijd discussie zijn, maar het is evident dat hun carrières niet het pad van Beenhakker en Hiddink hebben gevolgd. Het laatste voorbeeld en de reden van deze column is wel de huidige trainer van Feyenoord: Robin van Persie. Het blijkt dus toch wel dat de geschiedenis zich blijft herhalen in het voetbal.
Eerlijk gezegd ben ik nooit een fan van de persoon Van Persie geweest. Ik behoor tot de 'anti-fanclub' van Van Persie, waarvan Pierre van Hooijdonk de voorzitter is. Menig keer heb ik Pierre over Van Persie zien prediken op de tv als een klein jongetje met een zure mat in zijn mond. Oké, het moet gezegd worden: het is ook wederzijds. Gezien de aanvaringen tijdens het WK in Brazilië (speler tegenover analist) en als collegaspelers bij Feyenoord (de exemplarische vrije trap). Als voetballer kon je niet om Van Persie heen, maar om in de profetische beschrijving te blijven: dat kan je niet zeggen van de ruiter.
Het begon al bij de overstap van Feyenoord naar Heerenveen. Waarom koos de directie toen niet direct voor de trainer Van Persie en ging men voor de grijze muis Priske? Ik vermoed dat er toen al geen consensus was over een eventuele aanstelling van Robin als hoofdtrainer, een half jaar later schijnbaar dus wel. Dan de akkefietjes bij Heerenveen. In het oog sprong natuurlijk al de afwijkende keepersstrategie. "Ik kies geen nummer 1 keeper" was in de ogen van menig voetballiefhebber al een rare kronkel in de benadering van deze trainer. Het daaropvolgende diepe verval van de keeperskwaliteiten van Noppert maakte het allemaal zeer kluchtig. Na een half jaar vertrok Van Persie bij de Friese club en er werd nog net geen polonaise gelopen in de catacomben van het Abe Lenstra Stadion, of in ieder geval: niet bevestigd.
Het moet gezegd worden, zijn begin bij Feyenoord was nog aardig, maar bij aanvang van dit seizoen kwamen de scheurtjes in het trainersblazoen aan de oppervlakte. De aanvoerdersdiscussie omtrent Timber, die de eventuele contractverlenging van deze dragende speler geen goed heeft gedaan, maar ook de vraagstukken omtrent de fitheid van de verschillende spelers. Iets wat volgens mij te verwijten valt aan de hele staf, alleen bewijst het verhaal rond Read dat Van Persie een te dikke vinger in de pap heeft gehad.
Nieuwe hoofdstukken in de magere roman 'Van Persie en zijn Feyenoord' volgen elkaar snel op. Alleen begint de roman zachtjesaan een drama te worden. Het is wachten totdat Feyenoord, meneer Te Kloese, het nieuws naar buiten brengt dat wederom deze ruiter van zijn paard is gevallen. Een beetje 'koudegrondanalyse' – want ik zit op een behoorlijke afstand en haal mijn feiten ook maar uit berichten en podcasts – komt erop neer dat het verschil in voetbalniveau een stroeve communicatie opwerpt. Dit drijft vooral in slechte tijden een grote kloof tussen trainer en spelersgroep. Zaken die in eerdere soortgelijke situaties ook al benoemd werden. Het goede paard kan zich te weinig inleven in de onderkant van de selectie. Iets wat je als speler op individueel niveau niet nodig hebt, maar als je de grote leider bent, moet je juist focussen op die onderkant en je daarin kunnen inleven.
In mijn tijd als amateurvoetballer had ik ooit een trainer die meer bezig was met nummer 12 tot en met 16, want die zorgen voor het succes van het team. Zij moeten in hun teleurstelling de gaten vullen als de eerste elf niet presteren. Dit is iets wat je niet leert op de cursus, dat ligt heel dicht bij de persoonlijkheid. Het is in dat kader ook niet vreemd dat vele spelers uit de onderkant van de competities en teams betere trainers worden. Neem nou voorbeelden als Guus Hiddink, Ron Jans en Arne Slot. Zij speelden niet altijd tussen de witgekalkte lijnen, zij speelden niet altijd in de grote stadions. De Vliert, De Vijverberg en De Koel waren hun podia.
Het is nog steeds de vraag wanneer Van Persie wordt ontslagen bij Feyenoord. Niet of. De vraag komt dan wel op hoe de rest van zijn trainerscarrière zal gaan verlopen. Naar een degradatiekandidaat in Engeland of een subtopper in België? Als Van Persie niet geleerd heeft van zijn verleden, zal de carrière doodbloeden. Het goede paard moet gaan leren om een goede ruiter te zijn. Misschien meer uurtjes maken om dan weer eens een stap naar de top te zetten. Wie weet? Co Adriaanse was misschien de onbegrepen profeet. Zouden de directies van al die clubs niet altijd op basis van 'clubgevoel' een man met een grote naam willen presenteren? Probeer de cv's eens beter te beoordelen en misschien navraag te doen bij de nummer 12 van zijn huidige club. Dan zullen wij ooit Co zijn titel als profeet af kunnen pakken. Helaas heb ik er een hard hoofd in.