Het was een verwarrende tijd toen we aan deze reis begonnen. Alvorens wij, een vriend en ik, afreisden naar het land, werd in juni van dat jaar de hele koninklijke familie uitgeroeid door een gefrustreerde kroonprins. Daarnaast reisden wij vlak na de aanslagen op de Twin Towers en het Pentagon in de VS. Nog geen maand later. De familie was ietwat bezorgd en de luchtvaart was redelijk overspannen. Als je dan ook nog eens via het Midden-Oosten naar Nepal reist, is de cocktail compleet. Niettemin werd het, ver van de grauwe werkelijkheid, een bijzondere en indrukwekkende reis.
De vlucht heen verliep al niet geheel soepel. De bedoeling was dat wij via Londen en Abu Dhabi naar Kathmandu zouden vliegen. Als dan de eerste dominosteen, de vlucht van Amsterdam naar Londen met British Midland, vertraagd is, weet je dat dit effect heeft op de rest. Inderdaad, ondanks een straffe eindsprint haalden wij de aansluiting voor onze vlucht naar Abu Dhabi niet. Een langer verblijf in Londen, nabij Heathrow, was wat overbleef. De volgende dag zouden wij doorreizen.
Niets was minder waar, want slechts de helft van onze groep (een groepsreis met Shoestring) kon mee op de vlucht. Mijn vriend en ik zaten bij de groep die niet mee kon. De meereizende gids was op dit moment nog waardevoller dan anders. Nog een nachtje Londen en wederom wachten. Qatar Airways had de volgende dag helemaal geen plek; dat betekende een retourtje Amsterdam, want de regel is: als het na 48 uur niet opgelost is, moet je terug. Een debacle diende zich aan, maar door adequaat ingrijpen van de reisorganisatie konden wij met Gulf Air alsnog de reis hervatten.
Helaas zaten wij wel verspreid door het vliegtuig. Wij klaagden echter niet, want wij konden weer vliegen. Dit had wel tot gevolg dat een Limburgse 'reismaagd' naast een stereotype Midden-Oosterse man werd geplaatst. Al biddend bracht hij de vlucht door en onze groepsgenoot kon, in het kader van 9/11, maar aan één afloop denken. Wie neemt hem dat kwalijk? Maar toen, ondanks de gebeden, de wielen de grond kusten in het Midden-Oosten, viel er niet alleen een last van de schouders van onze groepsgenoot, maar ook van zijn buurman. Iedereen kan immers vliegangst hebben.
Na een behoorlijke vertraging en de landing op een van de gevaarlijkste vliegvelden, Kathmandu, konden wij eindelijk de spirituele lucht van Nepal inademen. Normaal gezien zouden wij de dag daarop doorreizen om aan de stevige bergwandeling te beginnen, maar onze Nederlandse gids zorgde voor een klein beetje lucht in onze agenda. Met een select groepje bezochten wij wat toeristische trekpleisters in Kathmandu. Nogmaals, ik heb het over 2001, dus de zaken zullen zo'n ruim 20 jaar later anders zijn. Vergeet ook niet de verwoestende aardbeving van een aantal jaren terug.
Gezien de tijd kan ik niet alles meer precies benoemen, maar het gevoel ben ik niet vergeten. Het was mijn eerste aanraking met Azië en een aantal open deuren kom je wel tegen. Het krioelt er bijvoorbeeld van de mensen. Zelfs in het toeristengebied Thamel struikel je over de hysterische verkeerssituatie. Voor een eerste keer is dat wennen. De hygiënestandaard is lager; belangrijk om daar goed mee om te gaan. En de wierook: zeker in dit boeddhistische oord ruik je dit om de haverklap. Allemaal op een bepaalde manier romantisch. Minder romantisch, en dat geldt voor meer plaatsen, is de drang om geld te verdienen aan toeristen. Ik snap dat hun levensstandaard anders is dan in de meeste westerse landen, maar het verpest soms de romantiek. Zeker als de koopwaar de illegaliteit in getrokken wordt. Om de zoveel meter wordt je een middel uit de reeks verdovende middelen aangeboden. Oké, dat is ook handel voor de toerist, maar niet voor mij. Na de zoveelste quasi-vriendelijke vraag van een verkoper, beantwoordde ik zijn aanbod met de vraag of hij geen heroïne had. Met grote ogen en de intonatie van mijn vraag liet ik blijken dat ik verslaafd was aan het 'echte' spul. De man liep gedesillusioneerd en hoofdschuddend weg.
Langtang
Als je de grote stad verlaat, komt het land misschien meer tot leven. De bergen en de natuur ademen kalm op jouw hartslag mee. Met een typisch Aziatische Tata-bus vertrokken wij van Kathmandu naar Dhunche, de entree voor de routes Langtang en Helambu. Na een overnachting in een lokaal guesthouse startten wij de dag erna met onze wandelroute. Naast de Nederlanders liepen met ons mee: een runner, gids en dragers. Gelukkig hoefden wij onze zware backpacks niet zelf mee te zeulen. Ik was zeer content met mijn vriend, die mij goed voorbereid had op deze trip. Denk aan wandelen als voorbereiding (zeker doen) en benodigdheden voor onderweg: water met zuiveringsvloeistof, kleine hapjes (zout) en natuurlijk onze kleding (vooral de schoenen). Nog even terugkomend op de runner: dit was een jonge Nepalees die elke dag uren eerder vertrok om op de eindbestemming een slaapplek te regelen. Communicatie anno 2001 was nog niet zo geavanceerd in deze omgeving.
In die tijd had ik nog een behoorlijke conditie en kon ik redelijk in de voorhoede meekomen. De Langtang-route is erg populair. Je loopt in ongeveer vijf dagen heen (stijgend) en ongeveer twee dagen terug (dalend). Het is druk op de route en ook de vracht, denk aan frisdrank, wordt te voet naar de verschillende guesthouses gebracht. Waar wij voorzien zijn van stevige stappers, aangeschaft bij een speciaalzaak, loopt de vrachtmedewerker op zijn slippertjes omhoog. Geen vlam in de pijp of een dertigtonner diesel, maar wel ver van huis.
Het is mooi om de verschillende zones op de berg aan je voorbij te zien gaan. Het is intensief, maar als je op de eindlocatie een bord eten naar binnen stouwt, lekker bij een haardvuur, voel je je onoverwinnelijk. De spaarzame avonduurtjes werden gevuld met het spelen van Machiavelli, een heerlijk compact kaartspel voor op reis. De guesthouses lopen niet over van luxe. Toiletten zijn hurktoiletten, een douche is vaak een veredelde tuinslang en het matras biedt weinig comfort. Dat laatste maakt niet uit, want je slaapt toch wel.
Verwacht ook niet dat je elke avond lallend je bed opzoekt, want boven de 2500 meter wordt geadviseerd om het gerstennat te laten staan. Dit om hoogteziekte te vermijden. De laatste etappe, Tsergo Ri, is de piek van de route (letterlijk en figuurlijk) en is facultatief. Tijdens onze reis kozen velen ervoor om deze over te slaan. Ik niet, want de top hebben wij gezien: een top op 5033 meter.
De terugweg is korter, maar niet per definitie makkelijker. Het is persoonlijk, maar ik vind dalen minder plezant dan stijgen. Het continu afremmen van de pas zorgt voor een onnatuurlijke druk op de bovenbenen.
Helambu
Tijdens onze reis haakte een groot deel van de groep af na deze route. Het toont aan dat het onderschatten van wandelen op deze locatie niet verstandig is. Wij, mijn vriend en ik, gingen met een paar anderen verder op de Helambu-route. Een heel andere route, een heel ander gevoel. Waar Langtang voor de commercie zou kunnen staan, staat Helambu voor boeddhistische rust en reinheid. Dit betekent ook dat de verblijven langs deze route nog primitiever zijn dan bij Langtang. Een voorbeeld is dat er op sommige plekken geen douche aanwezig was. De omgeving maakt echter dat je dit niet als probleem ervaart.
De route brengt je langs een aantal meren die, volgens de vertelling, gemaakt zijn door een van de goden met zijn robuuste drietand. Een prachtig verhaal dat de route ten voeten uit illustreert. Voeten die je na twee weken wandelen echt wel voelt. Maar het weegt niet op tegen de persoonlijke overwinning die je voelt als beide routes bewandeld zijn.
Koningssteden
Na de routes hadden wij nog een paar dagen (door de vertraging aan het begin minder dan gepland) om Kathmandu en de andere koningssteden, Patan en Bhaktapur, te bezoeken. Het leven en het uiterlijk vertoon is, op een tempel hier en daar na, redelijk gelijk. Het herstellen van het wandelen en weer genieten van de stadse onrust was misschien belangrijker dan de toerist uithangen. Toch blijft het een bezoek waard.
Misschien nog goed om te vermelden is dat gedurende de wandeling vlees nagenoeg uit den boze is (en was). In die tijd was het koelen van vlees hogerop de berg niet mogelijk en werd het dus afgeraden om als carnivoor je dag door te brengen. Gelukkig red je het ook prima op groente en rijst.
Slot
Als je jong bent en van een uitdaging houdt, raad ik het ten zeerste aan om het land aan te doen en in ieder geval een route in de bergen te wandelen. De uitzichten zijn prachtig en de rauwe natuur, zonder al de moderne opsmuk, maakt je weer even bewust van de echte wereld. Het is nu alweer ruim 25 jaar geleden dat ik daar was en sommige zaken zijn wellicht achterhaald, zoals mobiel internet of de voorzieningen op de route. Het zal mij niet verbazen als ook daar de modernisering heeft toegeslagen. Later ben ik erachter gekomen dat Nepal niet per definitie als 'standaard Azië' betiteld kan worden. Het geloofskarakter van het land is diepgeworteld en redelijk eenzijdig, iets wat in andere bestemmingen toch meer gemixt is. Een mogelijkheid is ook om in combinatie met een reis naar Noord-India een deel van Nepal te bezoeken, zoals de koningssteden. Helaas hebben wij Chitwan niet bezocht, bekend om de aanwezigheid van neushoorns. Je hoeft er dus niet alleen heen om te wandelen, er is meer te doen.